

Moskou, 1977. Twee 'PONIES' (personen van geen belang, in het jargon van de inlichtingendiensten) werken anoniem als secretaresses op de Amerikaanse ambassade. Totdat hun echtgenoten onder mysterieuze omstandigheden in de Sovjet-Unie om het leven komen en de twee vrouwen CIA-agenten worden. Bea is een hoogopgeleide, Russischsprekende dochter van Sovjet-immigranten. Haar collega Twila is een meisje uit een klein stadje, even onbehouwen als onverschrokken. Samen proberen ze een grootschalige Koude Oorlog-samenzwering te ontrafelen en het mysterie op te lossen dat hen tot weduwen heeft gemaakt.












